30 apr

Zorgen dat beleid landt met een professionele radar

Een eeuw geleden raakte de Titanic op zijn eerste vaart een ijsberg, en zonk het. Tegenwoordig maakt elk schip, vliegtuig én haven gebruik van een radar. Niet alleen om obstakels te ontwijken, maar ook om te bepalen wat de optimale route is. Het is een onmisbaar instrument voor iedereen die niet alleen op zicht wil varen. Zo’n radar, maar dan voor issues, beelden en argumenten in de samenleving, is essentieel voor overheden. Mensen vinden veel van veel zaken en plaatsen zaken makkelijk in een bepaald frame, al dan niet geholpen door influencers.Wat kranten schrijven over lokale ontwikkelingen , mensen zeggen tijdens buurtbijeenkomsten en doelgroepen vinden van gemeentelijke voorzieningen, heeft de gemeente meestal goed in beeld. Maar wat speelt zich af daarbuiten? Onder de waterlinie? Wat er ècht leeft in de gemeenschap komt vaak als topje van de ijsberg en met vertraging op de tafels van beleidsmakers en raadsleden. Hierdoor blijven risico’s én kansen voor de gemeente lang uit het zicht.

Integraal, doelgericht en tijdig peilen wat er leeft in de gemeenschap voorkomt dit. En is in essentie niet moeilijk. In “Sociaal kapitaal” laat David Kok zien dat driekwart van de gemeenten ervaringen heeft met vormen van webmonitoring en -care. Van belang is om deze ervaringen nu om te zetten in structurele vormen van monitoring. Ook in strategisch opzicht. Gemeentes moeten in onze netwerksamenleving on the spot zien óf beleid en boodschappen landen en bij wie. En zo nee: met welke issues, beelden en argumenten van mensen en media rekening moet worden gehouden en hoe. Zowel voorafgaand aan de ontwikkeling van beleid en communicatie, als tijdens de rit. Dat laatste maakt tijdige bijsturing mogelijk, met name als zich neveneffecten voordoen. Crux is werken met het “BAM”-principe: benoemen wat je buiten ziet, aansluiten bij wat leeft en vervolgens mensen, media en organisaties meenemen in acties.

Een gemeente als Rotterdam monitort al langer structureel, net als enkele ministeries. Maar ook kleinere gemeenten als Haren en Valkenswaard gaan ermee aan de gang. In welke vormen professionele monitoring ook plaatsvindt, er worden vier doelen mee bereikt: 

 

Doel

Achtergrond

1

Risico’s

Risico’s tijdig zien aankomen; meer tijd om te anticiperen

2

Dienstverlening

Vragen aan de gemeente en opmerkingen over de gemeente in kaart brengen en beantwoorden (webcare).

3

Strategie

Issues, beelden en woorden in kaart brengen. Idem influencers. Zien welke issues door fracties worden overgenomen. Broodjes aap detecteren. Met eigen belevingsonderzoek tegenwicht bieden tegen onderzoek van anderen.

4

Reputatie

Zien of de gemeente in de ogen van mensen, media en organisaties de goede dingen doet en die goed doet. Over langere termijn. Heeft aanzienlijke invloed op de slagkracht van de gemeente en eens in de vier jaar ook (deels) op de verkiezingsuitslag.

 

Op 23 mei zal ik deze vier doelen toelichten aan de hand van diverse praktijkvoorbeelden tijdens het Nationaal Congres Gemeenten & Social Media. Daarbij zal ik met name de minder bekende doelen van monitoring belichten: strategiebepaling en reputatiemanagement. Deze zijn namelijk minstens even belangrijk om beleid goed te laten landen als risicomanagement en dienstverlening. Opgeven kan nog via www.ncgsm.nl. Graag tot dan!

* * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * *

 

 

Aart Paardekooper is directeur Beleidsversnellers, issuespecialist bij HowAboutYou en campagnestrateeg bij stichting de Politieke Academie. Eerder was hij bestuursadviseur en hoofd omgevingskennis en communicatie bij het ministerie van onderwijs. Voor overheden peilt hij wat er leeft bij inwoners en adviseert hij over het dichten van de kloof tussen burgers en bestuur.